Over Robin te Slaa

Robin te Slaa

Robin te Slaa

Robin te Slaa (1969) studeerde geschiedenis aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Zijn specialisatie is nieuwste geschiedenis. Hij schreef in de loop van de jaren voor verschillende kranten, tijdschriften en boeken bijdragen over rechts- en links-extremisme.

Samen met Edwin Klijn publiceerde hij in 2009 De NSB. Ontstaan en opkomst van de Nationaal-Socialistische Beweging, 1931-1935. Het boek ontving lovende reacties in de pers en werd genomineerd voor de shortlist van de Libris Geschiedenis Prijs.

Tussen augustus 1999 en april 2012 was Robin in verschillende functies werkzaam voor het Nationaal Archief. Sinds februari 2012 is hij zelfstandig historicus en publicist.

logo PBCFOp 2 oktober 2012 publiceerde Robin Is Wilders een fascist?, dat positieve recensies kreeg in de pers.

Hij werkte in de periode hiervoor en hierna samen met Edwin Klijn aan een proefschrift over de NSB, dat de jaren 1936-1940 zal beslaan. Zij ontvingen hiervoor een subsidie van het Prins Bernhard Cultuurfonds en een bijdrage van het NOT Fonds.

Vanaf oktober 2014 tot en met februari 2015 was  Robin als onderzoeker verbonden aan  het vervolgonderzoek van het NIOD naar de erfpachtkwestie in Amsterdam (1940-1955). Hierin werd onderzocht in hoeverre het Amsterdamse gemeentebeleid afweek van het beleid in andere steden en er sprake was van afstemming over het beleid tussen steden onderling.

In opdracht van het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies schreef Robin het boek 1941. Het masker valt, dat op 20 april 2016 verscheen en goed ontvangen werd.

Stichting democratie en media

Voor de gemeente Den Haag deed Robin hierna onderzoek naar de houding van deze gemeente tegenover Joodse eigenaren van onroerend goed in de periode 1940-1955. Het rapport werd op 8 december 2017 gepresenteerd aan de toenmalige burgemeester en vertegenwoordigers van de Joodse gemeenschap. Komend najaar zal het in boekvorm verschijnen.

In mei verschijnt het boek Wat is fascisme? Voor het schrijven van het boek ontving Robin een subsidie van Stichting Democratie en Media.